Nieuws

Veredelen speciaal voor de biologische sector?

Gepubliceerd op
22 november 2007

Biologische telers gebruiken rassen die zijn ontwikkeld voor de gangbare teelt. Speciale veredelingsprogramma’s voor de relatief kleine biologische sector zijn eenvoudig te duur. Het Louis Bolk Instituut en de leerstoelgroep Technologie en Agrarische Ontwikkeling van Wageningen UR hebben onderzoek gedaan naar alternatieve scenario’s voor de financiering van veredeling speciaal voor de biologische sector.

Gebruik van gangbare rassen in de biologische teelt is niet altijd optimaal. Neem bijvoorbeeld kool of tarwe. Voor het telen van een goede kwaliteit is veel bemesting nodig. Meer aandacht voor stikstofefficiëntie bij de ontwikkeling van nieuwe rassen kan het mestgebruik in de biologische sector terugdringen. Ook is de zaadvermeerdering van een aantal hybriderassen zoals peen en ui onder biologische omstandigheden door de keuze van bepaalde ouderlijnen problematisch en daardoor duur. Goede biologische rassen moeten worden geselecteerd onder biologische omstandigheden. Dat gebeurt nu niet in de gangbare veredeling.

Het zaadbedrijfsleven zal alleen investeren in de veredeling van speciale rassen voor de biologische sector als de markt groot genoeg is. Voor sommige groentegewassen zoals kool, peen en ui is dit in de nabije toekomst het geval. Bij sommige niet-hybride gewassen zoals tarwe is sprake van een vicieuze cirkel: het areaal biologische teelt te klein om via de verkoop van zaad de investeringen in een veredelingsprogramma terug te verdienen. Dit areaal wordt echter niet groter zonder speciale biologische rassen.

De onderzoekers hebben diverse alternatieven bekeken:

  • De Sativa broodketen in Zwitserland, waarbij alle schakels in de keten (telers, maalderij, bakker supermarkt) bijdragen aan de ontwikkeling van nieuwe baktarwerassen;
  • Het aardappelhobbykweekmodel in Nederland, waarbij de telers et hun arbeid (in natura dus) de ontwikkelingskosten van nieuwe geschikte rassen ondersteunen;
  • De veredeling van Getreidezüchtingsforschung (GDZ) Darzau in Duitsland, waarbij de kosten laag blijven door op legale wijze af te zien van de officiële toelatingsprocedures en de rassen in een vroeg stadium beschikbaar stellen aan de telers.

Met de resultaten van de studies zijn diverse scenario’s voor het voorbeeldgewas tarwe uitgewerkt en besproken met spelers uit de keten. Veredeling voor de biologische sector blijkt voor tarwe wel mogelijk door bijvoorbeeld consumenten een zeer kleine bijdrage te vragen van minder dan 1 eurocent per brood of per kilogram meel. Met dit idee hebben betrokkenen een stappenplan voor 2007/2008 ontwikkeld om de haalbaarheid verder te onderzoeken.

Eén van de conclusies uit het onderzoek was dat de gangbare verdelingsprogramma’s de afgelopen 10 jaar geen geschikte biologische tarwerassen met voldoende bakkwaliteit hebben opgeleverd. Dit heeft spelers in de keten extra gemotiveerd om betrokken te raken bij de veredeling.

Klik hier voor het complete verslag ‘Hoe maken we veredeling voor de biologische sector financieel haalbaar? Een ketenbenadering met zomertarwe als voorbeeld.’