Nieuws

Onzeker aaltjeseffect van stikstofvanggewassen

Gepubliceerd op
12 november 2010

Vanaf 2006 is het verplicht om na mais op zand- en lössgrond een stikstofvanggewas te telen. Sinds januari 2010 zijn bladrammenas, bladkool, gras, triticale, winterrogge, wintergerst en wintertarwe toegelaten als stikstofvanggewas. Van alle stikstofvanggewassen is echter te weinig goede informatie beschikbaar over de vermeerdering van schadelijke aaltjes, omdat er bij een teelt als stikstofvanggewas (veel) later wordt gezaaid dan bij een normale teelt als groenbemester.

Mais wordt pas na half september geoogst. Vanwege de uiterste zaaiperiode in de nazomer of het najaar lijken vooral winterrogge, wintertarwe, wintergerst en triticale geschikt voor uitzaai als stikstofvanggewas na de oogst van de mais. Engels en Italiaans raaigras hebben mogelijkheden bij inzaai in de mais (teelt onder dekvrucht).

Winterhardheid

Voor een stikstofvanggewas is ook de winterhardheid belangrijk. Een gewas dat vorstgevoelig is, kan snel kapot vriezen. Winterrogge, wintertarwe, triticale, wintergerst en Engels raaigras zijn het minst gevoelig voor vorst en om die reden geschikt als stikstofvanggewas. Er is heel weinig teeltkennis van Japanse haver, maar gezien de eerste praktijkervaringen lijkt dit gewas vorstgevoelig te zijn. Van bladkool zijn de winterhardheid en het uiterste zaaitijdstip niet duidelijk. Er schijnen nieuwere rassen te zijn die weinig gevoelig zijn.

Doel stikstofvanggewas

Mais stopt in augustus met de opname van stikstof en laat daardoor na de teelt vaak veel stikstof in de bodem achter. In de winter kan veel van deze stikstof verloren gaan door uitspoeling van nitraat. Hierdoor kan het nitraatgehalte in het grond- en oppervlaktewater te hoog worden. Om dit te voorkomen, is het bij wet verplicht om op zand- en lössgrond na mais een ‘stikstofvanggewas’ te telen. Een stikstofvanggewas moet zich nog voor de winter voldoende kunnen ontwikkelen en zoveel mogelijk stikstof opnemen. De uiterste zaaitijd van een gewas in het najaar is dan ook van groot belang.

  • Contact informatie: Hans Hoek, PPO van Wageningen UR

Downloads

Meer downloads

Links