Nieuws

Nederlandse weidecoach de wei in met Vlaamse melkveehouders

Gepubliceerd op
25 juni 2018

Deelnemers aan het CCBT project ‘Bio Beter Beweiden’ hebben inspiratie opgedaan door kennis uit te wisselen met een Nederlandse weidecoach van de Stichting Weidegang. Op twee biologisch melkveebedrijven lichtte Henk Antonissen tijdens een ‘Farmwalk’ hun werkwijze toe. Het beweidingssysteem is kritisch onder de loep genomen met als doel weidegang verder te optimaliseren. Tijdens de bijeenkomst was veel aandacht voor voldoende rotatie in het beweidingssysteem

Weidecoaches

Stichting Weidegang ziet de koe in de wei als een kenmerkend onderdeel van het Nederlandse landschap en heeft zich als doel gesteld om binnen de moderne melkveehouderij weidegang te ondersteunen.  De stichting doet aan kennisverspreiding om het vakmanschap over weiden en graslandbeheer te versterken. Men doet hiervoor een beroep op Weidecoaches. Deze geven individueel advies en trainen groepen van melkveehouders in de Farmwalk©. 

De weidecoaches zijn speciaal hiertoe opgeleid in de Praktijkschool voor Beweiding, die is ontwikkeld door Bert Philipsen van Wageningen UR Livestock Research en René Schepers van Schepers Adviseurs. In de Farmwalk wordt met groepen van boeren gewerkt waarbij verschillende keren in het graasseizoen een ronde door het gras bij een van de deelnemers wordt gedaan onder leiding van de weidecoach waarbij de groep leert over vakmanschap, gras en beweiden. In individuele adviesgesprekken wordt nagegaan hoe voor de specifieke bedrijfssituatie het beweiden het best kan worden georganiseerd.  Daarbij spelen factoren als de beschikbare arbeid, de omvang van de huiskavel, de grootte van de koppel, de hoogte van de melkproductie en het melksysteem een rol.

Nieuw Nederlands Weiden

Het weidesysteem ‘Nieuw Nederlands Weiden’ is gebaseerd op omweiden waarbij de melkkoeien elke dag een nieuw weideperceel krijgen. Alle percelen die beweid kunnen worden komen in 2 grote blokken waarbij je een maai- en beweidingsblok krijgt. De beweidingsinfrastructuur, zoals drinkpunten en een kavelpad, op orde hebben, bepaalt mee het succes. Belangrijk is dat het beweidingsblok in percelen wordt ingedeeld met een gelijke oppervlakte door flexibele weideafrastering waarbij koeien elke dag een nieuw perceel krijgen. Deze cyclus wordt 4 tot 6 keer herhaald waarna het maaiblok wordt ingeschakeld. 

Door op stal de bijvoeding aan te passen, kan ingespeeld worden op de wisselende grasgroei. Inscharen van de koeien gebeurt bij een grashoogte van 12 cm, bij 8 cm kan uitgeschaard worden.

Voordeel van dit systeem is dat er geen aparte percelen worden gemaaid maar dat het beweidingsblok kan meegemaaid worden met de andere maaipercelen. 

De figuur hieronder geeft voor eenzelfde aantal melkkoeien weer hoe dit weidesysteem kan functioneren bij een verschillende huiskavel.

Nieuw_Nederlands_Weiden.png

De weide in..

Samen met Henk Antonissen trokken we de weide in bij twee Nederlands biologische melkveebedrijven om met een kritische blik de sterke en zwakke punten van het beweidingssysteem in beeld te brengen. Het eerste bedrijf is een robotmelker die al jaren bewijst dat weidegang en een melkrobot perfect kunnen samengaan. Een sterk punt op dit bedrijf is dat de melkveehouder geen angst heeft om de koeien met honger de weide in te sturen. 

De koeien krijgen op stal aardappelen, luzernekuil, hooi en graan goed voor 8 kg droge stof, met een ruime huiskavel met een bezetting van 3,2 koeien per hectare kan toch gerekend worden op 9 à 10 kg droge stof uit weidegras. Volgens Henk ontbreekt het bij veel veehouders nog aan vertrouwen in wat op de weide beschikbaar is. Voor gras in optimale conditie kan je immers rekenen op 1000 VEM per kg droge stof. Kijkend naar de sporen van het mest uitrijden wijst Henk op het belang van het aanbieden van een smakelijk gewas. In dat opzicht is het aan te raden te bemesten vóór een maaisnede. Een alternatief kan zijn om drijfmest te verdunnen met 1/3 water om korstvorming te voorkomen. Wil je dat het de beoogde opname van vers gras wordt gehaald dan moet je wel zorgen dat je beweidingssysteem op punt staat en de koeien smakelijk gras krijgen aangeboden. Dat is ook de reden waarom veel veehouders in een standweide systeem worden aangeraden om roterend standweiden toe te passen, een systeem dat de weidecoaches met het Nieuw Nederlands Weiden willen promoten. 

Het tweede bedrijf dat werd bezocht past dit systeem sinds kort toe. De 200 melkkoeien worden beweid op 40 hectare. Het maai- en beweidingsblok zijn elk 20 hectare waarbij het beweidingsblok is ingedeeld in 6 percelen van ruim 3 hectare. Na 5 cyclussen wordt het begraasde blok gemaaid. 

Wat hier vooral opviel is dat de koeien met grazen de grasgroei niet konden volgen. De koeien kregen dan ook ruim ruwvoeder op stal bijgevoederd. Naast  maiskuil lag er ook nog een graskuil open en die kon beter dicht volgens de weidecoach. Er is immers een ruime hoeveelheid gras ter beschikking in de weide en ‘wat er buiten staat moet je binnen niet voeren’. Voor dagen dat minder weidegang mogelijk is door weersomstandigheden zoals wel eens gebeurt bij zware regenval op de kleigronden van dit bedrijf is het beter om wat pakken voordrooggras achter de hand te hebben om deze periodes te overbruggen. 

Bron: CCBT

Meer informatie

Contact

Luk Sobry, Inagro, luk.sobry@inagro.be