Nieuws

Grasklaver in de biologische akkerbouw

Gepubliceerd op
13 september 2018

In de biologische akkerbouw is een kortdurende grasklaver een belangrijk onderdeel in de rotatie. In het grasklavermengsel zijn Engels raaigras en rode klaver de belangrijkste componenten. Toevoegen van Italiaans raaigras heeft een meerwaarde voor een vroege voorjaarsgroei en witte klaver kan beter tegen berijden dan rode klaver. De jaaropbrengst van de mengsels met rietzwenkgras in 2017 was goed. Duidelijk nadeel van rietzwenkgras was de minder snelle opkomst waardoor een grotere onkruiddruk ontstond. Het toevoegen van incarnaatklaver pakte niet goed uit.

Grasklaver in de biologische landbouw

Rietzwenkgras en incarnaatklaver

In de biologische akkerbouw wordt grasklaver geteeld ter verbetering van de bodemstructuur en voor de opbouw van stikstof in de bodem. Zowel grassen en klavers hebben daarin hun eigen rol. 
Omdat beworteling een belangrijk aspect is hebben we in een proef op de Broekemahoeve in Lelystad in 2017 naast Engels raaigras en Italiaans raaigras ook het dieper wortelende rietzwenkgras uitgeprobeerd. En behalve rode of witte klaver is incarnaatklaver gezaaid om de waarde van de snellere voorjaarsgroei in te schatten. (Meer informatie over deze proeven wordt binnenkort gepubliceerd in Ekoland nr. 9 2018).

Rietzwenkgras 2017

Door de trage kieming en beginontwikkeling van het rietzwenkgras stond er in de herfst veel meer onkruid in deze mengsels dan in de mengsels met Italiaans en/of Engels raaigras. 
Na elke maaisnede daalde het aandeel onkruid. Door de tragere ontwikkeling van het rietzwenkgras was het klaveraandeel met 45 tot 65% tot juli hoger dan in de mengsels met Italiaans en Engels raaigras (figuur 1). Opvallend was dat het aandeel klaver in de mengsels met rietzwenkgras na juli gelijk bleef, maar in de mengsels met Italiaans en Engels en raaigras bleef stijgen. 
Door de tragere voorjaarsgroei bleven de mengsels met rietzwenkgras in de eerste snede in opbrengst achter ten opzichte van de mengsels met raaigras. In de tweede snede werd de lagere opbrengst van de rietzwenkgras van de eerste snede gecompenseerd en was de totale opbrengst voor alle mengsels vrijwel gelijk.

Incarnaatklaver 2017

De incarnaatklaver was in het voorjaar volop aanwezig en zorgde voor een hoge gezamenlijk grasklaver opbrengst. Na de eerste snede daalde het aandeel klaver echter snel naar minder dan 25% en incarnaatklaver was in de derde snede niet meer in het mengsel aanwezig. De opbrengst van het overblijvende Engels raaigras was dan ook laag.

klaveraandeel_fdef0bb3_530x318.png

Bodemstructuur 2017

Bekend is dat grassen met hun intensieve beworteling de toplaag een goed structuur geven. De penwortel van de klaver zorgt juist in de diepere laag voor een betere structuur en doorlatendheid. 
De beoordeling van de structuur in november 2017 gaf duidelijke verschillen tussen de mengsels te zien. (figuur 2). De toplaag van 15 cm was in de mengsels met Engels raaigras mooi kruimelig met geen scherp gerande kluiten. De toplaag van de mengsels met rietzwenkgras was wat minder kruimelig. Door de diepere beworteling van de rietzwenkgras in combinatie met het hogere aandeel klaver was het aandeel kruimels in de laag 15-30 cm juist hoger dan in de mengsels met raaigras.

Laag 0-10cm.png
laag 15-30cm_c7c8eba8_530x322.png

Bron: Ruwvoer en Bodem

Contact

Rinze van der Schoot, Wageningen University & Research, rinze.vanderschoot@wur.nl