Nieuws

Biologische omstandigheden raadzaam bij selectie biologische uienrassen

Gepubliceerd op
15 november 2012

Er is een trend zichtbaar dat het selecteren onder biologisch omstandigheden bijdraagt aan het verkrijgen van uienrassen die beter aangepast zijn aan de omstandigheden in de biologische teelt. Biologische selecties van uien lijken onder biologische omstandigheden een betere opbrengst te geven. Dat constateren onderzoekers van het Louis Bolk Instituut bij de selectie van ui onder zowel biologische als gangbare omstandigheden.

De meeste rassen die biologische telers gebruiken komen voort uit gangbare veredelingsprogramma’s. Deze rassen zijn niet altijd even goed aangepast aan biologische productiemethoden. Is er voordeel te behalen als de selectie onder biologische omstandigheden plaatsvindt? Dat was de vraag die de onderzoekers van het Louis Bolk Instituut wilden beantwoorden met het jarenlange onderzoek (2004-2012) aan biologische uienrassen.

Uit het onderzoek blijkt dat selectie onder biologische omstandigheden kan bijdragen aan de verbetering van de opbrengst en aan opbrengst gerelateerde eigenschappen. Voor eigenschappen die gerelateerd zijn aan bolkwaliteit lijkt selectie onder biologische omstandigheden minder van belang. Deze eigenschappen zijn ook goed te beoordelen onder gangbare teelt.
De resultaten bleken erg afhankelijk van de kwaliteit van het uitgangsmateriaal. De verschillen in teeltomstandigheden tussen locaties waren erg groot en hingen niet alleen samen met biologische en gangbaar management, maar ook met grondsoort en datum van beregenen.

Selecties uit de basispopulatie Platte Groep hebben over het algemeen de laagste opbrengsten. Selecties uit de basispopulatie Ronde Rijnsburger Groep hebben gemiddeld de hoogste, maar ook de meest stabiele opbrengsten. Selecties uit de populatie van het zaadvaste ras Balstora lijken het minst stabiel, want het heeft zowel de hoogste als de laagste opbrengst over alle locaties. Door plaatselijke weersomstandigheden op het proefveld (Lelystad onder biologische omstandigheden: droogte, waardoor lage mineralisatie) lijkt het of de twee basispopulaties potentie hebben voor aanpassing onder lage stikstofbemesting.

De resultaten van dit onderzoek bevestigen eerdere studies dat voor biologische uienteelt de selectie van uien het beste onder biologische omstandigheden uitgevoerd kunnen worden. De onderzoekers kunnen aan de hand van deze resultaten echter geen uitsluitsel geven of het voor gangbare veredelaars economisch verantwoord is een apart biologisch selectieprogramma op te zetten naast het bestaande gangbaar selectieprogramma.
Onderzoekers in Duitsland concludeerden na soortgelijk onderzoek bij mais dat de kans op selectie van breed aangepaste genotypen (dus geschikt voor biologisch als gangbaar) toeneemt als biologische selectievelden in het selectieprogramma worden meegenomen.

Bekijk hier het rapport van het Louis Bolk Instituut: ‘Effect van selectie onder biologische en gangbare omstandigheden bij ui’ door Edwin Nuijten, Marjolein Tiemens-Hulscher en Edith Lammerts van Bueren.
(link toevoegen)

Downloads

Meer downloads