Nieuws

Wallonië zet in op onderzoek voor biolandbouw

Gepubliceerd op
24 februari 2015

In het kader van het strategisch plan voor de ontwikkeling van de biologische landbouw in Wallonië 2020, werd aan het Waals Centrum voor Landbouwkundig Onderzoek (CRA-w) een budget toegekend voor onderzoek voor de biologische teelt. Op 5 februari organiseerden CRA-W en de Waalse overheid hun eerste studiedag met als thema ‘Beheersing van ziekten, plagen en parasieten in de biologische teelt’.

De Waalse landbouwminister René Collin opende de dag met een enthousiast welkomstwoord. 8% van de Waalse landbouwgrond is bio, waarmee Wallonië beter scoort dan het Europese gemiddelde van 6%. De Waalse overheid kiest met het Strategisch Plan resoluut voor de biologische sector. 1 miljoen euro wordt gereserveerd voor onderzoek specifiek voor de biologische landbouw. Het biologisch onderzoek draagt volgens de minister immers bij aan de verduurzaming van de gehele landbouwsector. Minister Collin benadrukte specifiek het belang van vraaggestuurd onderzoek, noodzakelijk voor een duurzame ontwikkeling van de biologische keten. Aan de hand van pilootbedrijven en praktijkonderzoek moeten de wetenschappelijke onderzoeksresultaten op een vlotte manier toepassing vinden in de praktijk. 

De studiedag was rijkelijk gevuld met presentaties door onderzoekers van CRA-W, Vegemar, Fredon en INRA. Ook Lieven Delanote van Inagro was uitgenodigd voor een presentatie over de voordelen van vruchtwisseling bij de gewasbescherming.  De eerste presentatie van de dag gaf een overzicht van een studie waarbij 37 on farm percelen (met 9 verschillende gewassen) werden opgevolgd naar ziekten en plagen en beheersingsstrategieën. Dergelijke eenvoudige studie bezorgde de onderzoekers een hele reeks inzichten over de actuele toestand in de praktijk, waardoor de onderzoekshiaten duidelijk naar voor kwamen.  Andere onderwerpen die aan bod kwamen, zijn: 

  • resistente rassen in de graanteelt 

Verschillende rassen van triticale, tarwe en spelt werden vier jaar opgevolgd onder verschillende klimatologische omstandigheden. De rassen werden o.a.  beoordeeld in functie van resitentie tegen ziektes als gele en bruine roest, septoriose en fusariose, het rendement en de kwaliteit van het graan. 

  • beheersing van veld- en woelmuizen 

In een uitgebreide presentatie werd een beeld gegeven hoe de strijd tegen knaagdieren en mollen kan aangepakt worden. Deze strijd berust op drie pijlers: 1) observeren, 2) collectieve of individuele bestrijding en 3) preventieve maatregelen. Hierbij kwam het gebruik van drônes in de toekomst voor het bepalen van de aantastingsgraad in het veld aan bod. Onder de preventieve maatregelen werd het belang benadrukt van het creëren van een gunstig omgeving voor predatoren zoals vossen, roofvogels, wezels, … door o.a. het aanleggen van hagen en heggen, het plaatsen van zitstokken voor roofvogels en het voorzien van nestplaatsen voor deze predatoren.

  • beheersing van duiven

Een hele reeks van methoden kunnen gebruikt worden om duiven uit het veld te houden. In de presentatie werd een overzicht gegeven van de efficiëntie en de kostprijs van deze methoden.

  • gewasbescherming in pitfruit

Appelschurft veroorzaakt door Venturia inaequalis is een grote zorg in boomgaarden de regio’s gematigd klimaat in Europa. In onderzoek uitgevoerd in een biologische boomgaard van CRA - W, wordt het effect van de vermindering van de primaire entmateriaal in de dode bladeren op de ontwikkeling van appelschurft bestudeerd. Twee procedures, het breken van bladeren op de grond en het oprapen en begraven van de resterende bladeren werden vergeleken met een perceel zonder tussenkomst.

  • vruchtwisseling 

Lieven Delanote van Inagro gaf een presentatie over de voordelen van vruchtwisseling bij de gewasbescherming.  

  • mengteelten

Guénaëlle Corre-Hellou van INRA gaf een uitgebreide presentatie over de toepassing van mengteelten, de verschillende factoren die een rol spelen in mengteelten, hoe teelten kunnen samen werken en hoe gewassen en bodemorganismen kunnen samenwerken. De ervaringen met de toepassingen van mengteelten lijken veelbelovend maar verder onderzoek is nog noodzakelijk.

  • anthracnose in lupine

Anthracnos leidt tot zware verliezen in de teelt van lupines. Tot nu toe zijn de beste methoden van strijd tegen anthracnose het gebruik van zaailingen van resistente rassen, het gebruik van niet-verontreinigde zaad en het gebruik van pesticiden tijdens cultuur. Voor de biologische teelt is het zoeken naar resistente rassen of minder gevoelige rassen zoals blauwbloemige lupinesoorten een noodzaak.

  • alternatieven voor de bewaring van fruit
Vruchtrotschimmels zijn de belangrijkste schimmelziektes in  appel en peer en zijn verantwoordelijk voor grote verliezen bij de bewaring op langere termijn. In de presentatie worden de resultaten weergegeven van een onderzoek waar tijdens twee gewasseizoenen (2013-2014), de impact van een formulering van gloeifosfaat klei (Mycosin) en van een activator van de natuurlijke verdediging (Vacciplant) op de ontwikkeling van de vruchtschimmels tijdens de bewaarperiode werd geevalueerd. Na het eerste jaar, zijn de resultaten met Mycosin veel belovend. Het effect van twee toepassingen met Vacciplant toonde echter geen resultaat.
  • alternatieven voor koper in aardappelen en boomgaarden

In afwachting van een efficiënt alternatief voor koper tegen meeldauw in aardappelen en schurft in appel en perenboomgaarden wordt gezocht naar mogelijkheden om de gebruikte dosissen van koper te doen dalen. De presentatie geeft de resultaten van een studie die de werkzaamheid van drie formuleringen van koper tegen meeldauw in aardappelen en schurft in appel vergelijkt en de impact van rijenbehandeling op de beheersing van meeldauw in aardappelen evalueert. De proeven toonden aan dat de efficiëntie van koper niet kon verbeterd worden door het gebruik van andere (geteste) formuleringen en dat de bescherming tegen meeldauw niet afneemt door een rijenbehandeling met een lagere dosis van Cu in het begin van de groei. Ook het redement wordt niet negatief beïnvloed. In de proeven gaat men uit van een strategie van gefractioneerde toepassing van koper in twaalf behandelingen in plaats van de vier behandelingen die maximaal voorzien zijn in de wetgeving.

Meer informatie

Een overzicht van de artikelen en presentaties vind je hier op http://www.cra.wallonie.be/fr/51/Conferences/905. Dankzij het beschikbaar gestelde budget kan CRA-W het onderzoek naar biolandbouw en de expertise van de onderzoekers nu verder uitbouwen. Hierbij zal in de toekomst ook aandacht besteed worden aan de communicatie van de onderzoeksresultaten. Voor meer info kan je terecht bij Marie Moerman van het team bio van het CRA-W.  

Bron: CCBT

Contact

Lieve De Cock (NOBL), lieve.decock@ilvo.vlaanderen.be en Carmen Landuyt (CCBT), carmen.landuyt@ccbt.be