Nieuws

Tweede vlucht preimineervlieg

Gepubliceerd op
9 oktober 2014

In de herfst en winter van 2013/2014 veroorzaakte de tweede generatie van preimineervlieg op sommige biobedrijven onverwacht veel schade. Inagro in Vlaanderen start binnenkort een veldproef om de efficiëntie van enkele middelen uit te testen. Veel is nog onbekend over de ontwikkeling en de monitoring van het insect. Daarom kijkt Inagro ook naar nieuwe projectmogelijkheden voor nader onderzoek in samenwerking met andere proefcentra.

Tweede vlucht priemineervlieg

Na een periode van 'zomerrust' zet de preimineervlieg de komende periode haar ontwikkeling verder voort. Vliegen voortkomend uit de eerste generatie larven (in mei) ontluiken nu uit de poppen die zich in planten van de Allium-familie bevinden. Binnen enkele dagen na ontluiking gaan de vliegen paren waarna de wijfjes opnieuw eitjes afleggen.

Tweede generatie larven

De eiafleg gebeurt in de periode september tot november met prei als de belangrijkste waardplant. Eitjes worden in het plantweefsel van een bladoksel gelegd (ter hoogte van de bladsluiting bij prei). Uit de eitjes komt een tweede generatie larven die zich verder in de preiplanten ontwikkelt. De maden kunnen aanwezig zijn vanaf eind september tot eind november. Ze maken neerwaartse verticale gangen in het blad, richting de bladbasis. Meerdere larven per plant kunnen aanzienlijke economische schade veroorzaken. Deze schade gaat van extra pelwerk tot bijna 100 % onverkoopbare prei bij oogst vanaf november tot februari.

Bron: CCBT

Contact

Femke Temmerman, Inagro,  femke.temmerman@inagro.be