Nieuws

Monitoring en bestrijding van taxuskever in kleinhoutig fruit

Gepubliceerd op
9 juni 2016

Binnen de aardbeienteelt is de monitoring van plagen en bestrijders erg belangrijk. Als een plaag in een vroeg stadium opgemerkt wordt dan is ingrijpen nog mogelijk zonder veel schade. In het ene demonstratieproject is gewerkt aan het aanleren van monitoringstechnieken, terwijl in het andere project aandacht was voor bestrijdingsproducten tegen de steeds vaker voorkomende taxuskever in kleinfruit. Tijdens een workshop op Proefbedrijf Pamel stonden deze onderwerpen centraal.

Bestrijding van taxuskever in kleinhoutig fruit

Op de biologische teelt van junidrager Joly werd een correcte monitoring gedemonstreerd van de belangrijkste aardbeiplagen: spintmijt, trips, bladluis en Drosophila suzukii. Een goede monitoring is immers een belangrijk onderdeel van de plaagbeheersing in de biologische en geïntegreerde teelt. Dit demonstratieproject 'Aanleren van monitoringstechnieken: de sleutel tot succes van biologische gewasbescherming in aardbei’ beoogt dan ook om de telers te overtuigen van het belang van monitoring en om hen de juiste technieken aan te leren. Door een goed inzicht te verkrijgen in monitoring van plagen en bestrijders kunnen telers een betere plaagbeheersing uitvoeren, waarbij bestrijding soms zelfs overbodig is.

Theorie en praktijk rondom plagenbestrijding

Na het theoretisch gedeelte, waarin de verschillende plagen werden besproken, gingen de 30 deelnemers aan slag in de praktijk tijdens de workshop. In de één are grote aardbeitunnel (junidrager Joly) werd aan de hand van de ontwikkelde monitoringsmethode plagen en bestrijders in beeld gebracht. Tijdens deze workshop constateerden de deelnemers dat er veel bladluis aanwezig was op de planten. Daarentegen waren er maar weinig mummies (geparasiteerde bladluizen) zichtbaar. Ook nuttigen zoals bijvoorbeeld lieveheersbeestje of sluipwesp werden nog niet waargenomen en waren ook nog niet uitgezet. Het besluit was vrijwel unaniem: bespuiting uitvoeren met Bio-Pyrethrum om de tunnel op te schonen en vervolgens preventief nuttigen ofwel bestrijders uit te zetten.

Demonstratie bestrijdingstechnieken taxuskever

Aansluitend op de monitoringsworkshop werden enkele bestrijdingsmethoden gedemonstreerd tegen de gevreesde taxuskever. De monitoring en beheersing van taxuskever vormen een onderdeel van demonstratieproject ‘BIOROOTS’. Proefcentrum Pamel zorgt in dit project voor de uitvoering van dit onderdeel. De bedoeling van deze demonstratie was om de telers kennis te laten maken met de verschillende bestrijdings- en toepassingsmethoden. De demonstratie vond plaats in een tunnel van plastic waar voorheen herfstframboos stond. Door de hevige aantasting aan de wortels van de planten door de larve van taxuskever is deze teelt vrijwel volledig verloren gegaan. Tijdens een laatste monitoring begin maart, werden nog tot 30 larven per plant waargenomen.

Drie frequent gebruikte biologische producten werden door de medewerkers van Proefcentrum Pamel gedemonstreerd, namelijk ‘Bio 1020’ van Bayer CropScience, ‘Larvanem’ van Koppert en een mengeling van ‘B-green’ en ‘Kraussei-systems’ van Biobest. ‘Bio 1020’ is een biologisch insecticide op basis van de Metarhizium-schimmel. De sporen van deze schimmel gaan zich ontwikkelen op de larve, waarna deze de larven binnendringen en afdoden. Toediening van dit product gebeurt door de schimmelsporen goed te mengen met potgrond of compost. Nadien wordt dit op de bodem aangebracht en ondergewerkt. De producten van Koppert en Biobest zijn gebaseerd op het gebruik van insectenparasiterende nematoden (Heterorhabditis bacteriophora, Steinernema kraussei, Steinernema feltiae en Steinernema carpocapsae). Deze nematoden gaan na toediening actief op zoek naar de taxuskeverlarven en dringen deze binnen. De nematoden voeden zich met de inhoud van de larve. Door symbiotische bacteriën die vrijkomen uit het darmkanaal van de nematoden wordt de inhoud van de larve beter verteerbaar gemaakt voor de nematoden. Na enkele dagen sterven de larven af. Afhankelijk van de bodemtemperatuur wordt voor één van deze nematoden gekozen. Soms kan het zinvol zijn om een mengeling van deze twee te maken. De toediening van deze producten kan op verscheidene manieren gebeuren.

Bron: CCBT

Publicaties

Meer informatie

Contact

Proefcentrum Pamel, proefcentrum.pamel@vlaamsbrabant.be