Nieuws

Meer oorwormen in de boomgaard

Gepubliceerd op
24 augustus 2016

Herman Helsen vertelde op de Open Dag van Proeftuin Randwijk over het bestrijden van de Suzuki-fruitvlieg in de kersenteelt. Op het biologische appelperceel komen hagelnetten tot aan de perceelsranden, dus ook boven de kopakker. De zijkanten worden met insectengaas van maaswijdte < 1,0 mm dichtgemaakt, zodat het perceel tijdelijk volledig af te schermen is van de omgeving.

Meer oorwormen in de boomgaard bioKennis

‘Wanneer je in de zomer een grote beker met opgerold ribkarton in een appel- of perenboom ophangt, kunnen daar overdag zomaar zeventig of tachtig oorwormen in liggen te slapen’, vertelt Helsen. ‘Maar in een andere boomgaard blijft zo’n beker misschien wel leeg. En dat is jammer voor de betreffende fruitteler, want een appel- of perenboom vol oorwormen heeft minder last van plaaginsecten.’

Insect met broedzorg

Jonge nimfen
Jonge nimfen

De oorworm is één van de weinige insecten die aan broedzorg doet. In het najaar trekken de volwassen dieren de bodem in om te overwinteren. In het vroege voorjaar bouwen ze een ondergronds nest, waar het vrouwtje de eitjes beschermt en verzorgt. Als de jongen in het derde ‘nymfe-stadium’ zijn, trekken ze het gewas in. Daar doen ze zich tegoed aan insecten, schimmels of algen.

DNA-analyse van de maaginhoud

Wat de jongste oorwormen in het nest precies eten is evenwel onduidelijk, zegt Helsen: ‘Je kan onder de microscoop naar de maaginhoud kijken, maar dat levert niet heel veel op, hooguit af en toe een pootje van een luis. Pas sinds we DNA-analyses loslaten op de maaginhoud komen we meer te weten. Dan vind je erfelijk materiaal van onder andere springstaarten en mijten.’

Condities verbeteren

Onlangs heeft Wageningen UR samen met de Nederlandse Fruittelersorganisatie een subsidie gekregen van de Topsector Tuinbouw en Uitgangsmaterialen voor een nieuw onderzoeksproject. De belangrijkste vraag voor Helsen en zijn collega-onderzoeker Karin Winkler is: wat bepaalt het verschil tussen een boomgaard met weinig oorwormen en een met veel oorwormen?. ‘Zit dat misschien in de beschikbaarheid van voedsel voor de jonge dieren, als ze nog in de bodem zitten? En als dat zo is, kan je dan door de condities in de boomgaard te verbeteren het aantal oorwormen stimuleren? Op die manier zou je het gebruik van synthetische middelen tegen bijvoorbeeld luizen terug kunnen dringen.’

Radio

Project

- Helaas, uw cookie-instellingen zijn zodanig dat de Video niet getoond kan worden - pas uw permissie voor cookies aan

Contact

Herman Helsen, Wageningen UR, herman.helsen@wur.nl