Nieuws

Biologische bestrijding van melige koolluis in sierkool

Gepubliceerd op
14 april 2010

Melige koolluis kan in biologische sierkool veel schade aanrichten. Een aantal natuurlijke vijanden, zoals loopkevers, sluipwespen, lieveheersbeestjes en larven van zweef- en gaasvliegen kunnen flink wat bladluizen opruimen. De aantasting vindt echter vaak laat in het seizoen plaats, wanneer veel natuurlijke vijanden minder massaal aanwezig zijn. Dit omdat de hoeveelheid bloeiende planten, en dus het voedsel voor de natuurlijke vijanden afneemt.

Gaasvliegen en zweefvliegen komen van nature voor, maar kunnen ook worden aangeschaft en in de kasteelt uitgezet. Uitzetten in buitenteelten is als water naar de zee dragen, maar het aanbieden van bloeiende voedselplanten voor de volwassen insecten stimuleert de eileg. Inzaaien van lang en laat bloeiende gewassen kan de populatie zweef- en gaasvliegen beter op peil houden. Lobularia maritima (Alyssum) is zo’n plant die nog laat bloeit en voedsel voor zweefvliegen en gaasvliegen levert. Andere bloeiende gewassen leveren ook goed voedsel voor zweefvliegen, zoals Solidago en Aster. Het in de zomer afmaaien van voedselplanten kan een late bloei geven, zodat er nog laat in het seizoen voedsel voor zweefvliegen en gaasvliegen is. In deze periode kan de melige koolluis toeslaan.

Gaasvliegen staan bekend als een goede bestrijder van bladluizen in (sier)gewassen. De larven zijn zeer vraatzuchtig en ruimen veel bladluizen op. Volwassen gaasvliegen leven van nectar en pollen, sommige soorten leven ook als volwassen insect van prooien. Van nature zijn er meestal twee generaties per jaar in Nederland. In de winter vindt men dikwijls gaasvliegen in schuren of in huizen om te overwinteren. Er zijn verschillende soorten gaasvliegen, en het is onbekend of de soort die in de handel is ook geschikt is om uit te zetten in sierkool. Waarschijnlijk hebben sommige soorten gaasvliegen specifieke voorkeuren voor bepaalde soorten planten en/of bladluizen. Daarnaast is het mogelijk dat na half september de temperatuur voor de larven te laag is om grote aantallen luizen goed te bestrijden, terwijl de melige koolluis ook bij lagere temperaturen actief blijft. Vermoedelijk zijn de mogelijkheden met zweefvliegen gunstiger dan met gaasvliegen in sierkool, maar nader onderzoek zou dat moeten uitwijzen. Indien de plaag uit de hand loopt, kan met Spruzit of NeemAzal worden gecorrigeerd.

Klik hier voor rapport 'Beheersing ziekten en plagen biologische sierteelt vollegrond'

Downloads

Meer downloads