Nieuws

Biologisch geteelde grondstoffen voor varkensvoer blijken afwijkend in voederwaarde

Gepubliceerd op
2 oktober 2007

Bij de samenstelling van biologisch varkensvoer ging de mengvoederindustrie er van uit dat de biologische grondstoffen hiervoor dezelfde samenstelling en dezelfde verteringscoëfficiënten hebben als overeenkomstige gangbare, niet-biologisch geteelde grondstoffen. Er is namelijk nauwelijks verteringsonderzoek uitgevoerd met biologisch geteelde grondstoffen. Een directe vergelijking tussen biologische en niet-biologische grondstoffen is nooit gemaakt. Ook gebruikt men in de biologische veehouderij vaak grondstoffen die men in de gangbare veehouderij niet of nauwelijks gebruikt. Energiewaarde en verteerbaarheid werden dus vaak geschat.

Recent onderzoek van de Animal Sciences Group van de darm- en faecale verteerbaarheid en de voederwaarde van enkele eiwitrijke biologische grondstoffen bij vleesvarkens tussen 40 en 80 kg brengt opheldering in deze kwestie.

In het onderzoek is de energiewaarde en de verteerbaarheid van schilfers van raapzaad, soja, zonnebloem, sesamzaad en van blauwe lupinen vastgesteld. Er is gekeken naar de verteerbaarheid van de droge stof, organische stof, as, ruw eiwit, ruw vet, niet-zetmeel koolhydraten en energie. Ook werd de darmverteerbaarheid van ruw eiwit, aminozuren en zetmeel van deze biologisch geteelde grondstoffen vastgesteld.

De onderzochte eiwitrijke biologische grondstoffen hebben een hoger vetgehalte en een hoger gehalte aan de belangrijkste aminozuren als percentage van het eiwit. De gehalten ruw eiwit, ruwe celstof en ruw as zijn echter lager in biologisch geteelde grondstoffen. De energiewaarde was vaak hoger dan in de Veevoedertabel staat aangegeven.

Meer informatie:

Klik hier voor het complete rapport "Verteerbaarheid (ileaal en faecaal) van biologisch geteelde eiwitrijke voedergrondstoffen bij varkens".