Nieuws

Biologisch geteelde eiwitrijke grondstoffen voor biggen

Gepubliceerd op
10 december 2009

In 2012 moeten volgens de EU-wetgeving voeders voor biologisch gehouden varkens 100% grondstoffen van biologische herkomst bevatten. Betaalbare en geschikte biologisch geteelde eiwitrijke grondstoffen voor biggen zijn schaars. Wageningen UR Livestock Research heeft daarom in het buitenland geïnventariseerd welke mogelijkheden er zijn. Het meest veelbelovend lijkt het technologisch behandelen van raapzaad en zonnebloemzaad vanwege de gewenste hoge aminozuurverhouding tussen verteerbaar methionine en verteerbaar lysine.

Geschikte biologische eiwitbronnen

In Nederland wordt momenteel aardappeleiwit als belangrijke eiwitbron gebruikt in biggenvoeders, maar dit product is niet van biologische herkomst. Erwten, veldbonen, lupinen, weipoeder en sojaschilfers bevatten weliswaar een vrij hoog eiwitgehalte, maar de verhouding van de aminozuren darmverteerbaar methionine / darmverteerbaar lysine (idMet / idLys) is te laag voor biggen. Het is niet toegestaan om vrij methionine aan de voeders toe te voegen, daarom is het gebruik van andere eiwitbronnen met een hogere aminozuurverhouding idMet / idLys noodzakelijk.

Buitenlandse bevindingen

Het maken van 100% biologisch voer voor biggen blijkt ook in het buitenland nog niet zo gemakkelijk, omdat er niet zo veel alternatieve eiwitbronnen zijn. Het is mogelijk om een raapzaadconcentraat met 74% eiwit te maken en een veldbonenconcentraat met 60% eiwit. Erwten kunnen gemakkelijk via windziften een eiwitgehalte van 55% bereiken. Door raapzaad- en zonnebloemzaadconcentraat te combineren met vlinderbloemigen als erwten en bonen kan een evenwichtig voer worden samengesteld met gewenste aminozuurverhoudingen. Het voeren van ingekuild jong gewas gras/klaver kan een belangrijke bijdrage leveren aan de eiwit- en energievoorziening voor vleesvarkens (vanaf 25 à 30 kg) en fokzeugen. Voedering van veel gras/klaversilage vraagt wel extra aandacht voor de kwaliteit van het varkensvet. Een strategie voor eiwitbesparing is het maken van minder geconcentreerde voeders met een juiste verhouding aminozuur / energie. Het houden van diverse organische reststromen binnen de organische keten, door de reststromen van conventionele en biologische herkomst (zoals biologische aardappelen en melkpoeder) gescheiden te houden, is noodzakelijk.

Onderzoek

Op basis van deze buitenlandse studie is Wageningen UR Livestock Research in augustus gestart met verteringsonderzoek bij gespeende biggen die tarweglutenmeel, maïsglutenmeel, raapzaad-, erwten- of veldbonenconcentraat in het voer krijgen verstrekt. In het onderzoek is tarweglutenmeel in plaats van zonnebloemzaadconcentraat meegenomen, omdat dit concentraat niet wordt gemaakt door leveranciers.

Downloads

Meer downloads

Links